Trefwoorden

Autonomie = zelfstandig, op zich staand, zonder bemoeienis van buitenaf handelen.

Aristocratie = een staat die wordt bestuurd door burgers met filosofische en militaire kennis, zij ontwikkelen en beschermen de 'staat. Zij staan voor rechtvaardigheid, wijsheid en moed.

antipode = persoon met geheel tegengestelde aard of meningen.

Baldadigheid = vernielzuchtig

Bureaucratie = de heerschappij van de ambtenaren, het te rigoureus vasthouden aan ambtelijke maatstaven en voorschriften, dat kan ontaarden in machtsmisbruik.

Burgerbegroting= Een burgerbegroting is een besluitvormend proces waarin burgers meedenken en onderhandelen over het verdelen van publieke geldbronnen. Bijvoorbeeld over aanwending van de middelen van de gemeente waarin zijn wonen.

Burgerschapsvorming = het vormen van leerlingen die actief meedoen aan de samenleving en een positieve bijdrage leveren aan de samenleving.
Het is een taak van de school en scholen zijn wettelijk verplicht om deze taak uit te voeren. De inspectie controleert dit. Het gaat vooral om de houding en de vaardigheden van de leerlingen en de school is hier een geschikte oefenplaats voor.

Cohesie = de kracht waarmee afzonderlijke dingen samenhangen. Het is onderlinge samenhang.

Collectief belang = alle personen betreffend

Communitarisme= Stroming in de sociale en politieke filosofie die onder meer stelt dat het individu zijn identiteit ontleent aan zijn inbedding in sociale verbanden.

Commons = ‘gemeenteplaatsen’ of ‘meenten’

Containerbegrip = Het is een begrip zonder scherp afgebakende betekenis, waaraan de taalgebruiker zelf nader invullen kan geven en dat op veel verschillende toestanden, gebeurtenissen of zaken wordt toegepast.

Contraproductief = nutteloos, averechts

Controversiële onderwerpen = onderwerpen die gevoelig liggen en veelal een hoop reacties uitlokken.

Democratie = een staatsvorm waarbij (letterlijk) het volk regeert, in de praktijk door middel van een volksvertegenwoordiging of parlement (Grieks: demos = volk en kratos = heerschappij).

Egalitair = gelijkheid, gelijkheid nastreven
Egalitair komt van het woord egalitarisme. Egalitarisme is een stroming waarbij mensen de gelijkheid tussen mensen het belangrijkste vinden.

Egalitair = gelijkheid nastrevend, voorstaand

Emancipatie = de bevrijding van wettelijke, sociale, politieke, morele of intellectuele beperkingen, toekenning van gelijke rechten, gelijkstelling voor de wet, men streeft naar gelijkgerechtigdheid. Er is maatschappelijke, politieke, seksuele emancipatie, de emancipatie van de vrouw, van de burgerij.

Ethos = zedelijke houding of motivatie.

Geëquipeerd = Uitrusten, voorzien van wat nodig is.

Gerekruteerd = Werven, in dienst nemen.

Geringe = onbeduidend.

Impliciete = stilzwijgend.

Individualisering = Individualisme is de leer die de rechten ven het individu boven die van de gemeenschap stelt. Het voor alles bewaren van de persoonlijke onafhankelijkheid.

Initieel = aanvankelijk

Jargon = moeilijk verstaanbare taal, vak- of groepstaal

Normatieve participatie = een manier waardoor mensen hun eigen normen, gerelateerd aan waarden, kwijt kunnen in bv. de vereniging, de school, het bedrijf, de geloofsgemeenschap…

Overexploitatie = een manier van akkerbouw en- of veeteelt waarbij te veel gevraagd wordt van de bodem en- of de natuurlijke vegetatie waardoor landdegradatie onvermijdelijk is.

Paternalisme = bevoogding

Participatiesamenleving = Een participatiesamenleving is een samenleving waarin iedereen die dat kan verantwoordelijkheid neemt voor zijn of haar eigen leven en omgeving, zonder hulp van de (landelijke) overheid. Niet te verwarren met een participatiemaatschappij, wat een begrip is uit de financiële wereld.

Politieke participatie = een middel om invloed uit te oefenen op de besluitvorming. Alle activiteiten die een burger onderneemt om invloed uit te oefenen op politici (demonstreren, petitie etc).

Pragmatici = Iemand die feiten zakelijk beoordeelt en op basis daarvan eventuele problemen praktisch oplost.

proletariër = Een persoon uit de laagste, armste bevolkingsgroep die niet in het bezit is van de productiemiddelen en dus gedwongen is in dienst te treden van hen die die middelen wel bezitten

prominent = vooraanstaand (belangrijke mensen)

Scala = een reeks aan mogelijkheden.

Secularisering = verwereldlijking
Secularisering is de algemene benaming voor de verwereldlijking zoals die tot uitdrukking komt in laïcisering, ontkerkelijking, de reductie van religie tot het private terein en de afname van de maatschappelijke invloed van religie.

Sociale cohesie = De mate waarin mensen in gedrag en beleving uitdrukking geven van hun betrokkenheid bij maatschappelijke verbanden in hun persoonlijk leven als burger in de maatschappij en als lid van de samenleving.

Staatsburgerschap = Een organisatie van gewapende burgerij, die eene dienstdoende en rustende schutterij vormde.

Symposium = een wetenschappelijke bijeenkomst.

Tolerantie = de verdraagzaamheid tegenover andersdenkenden.
Het is de bereidheid om andere mensen afwijkend te laten denken en handelen.

Verschraling = een stelsel van maatregelen in het kader van natuurbeheer om in een onnatuurlijk verrijkte bodems de oorspronkelijke voedingstoestand terug te brengen.

Zweem = spoor